EN-normen

Als een beschermende handschoen moet beantwoorden aan de veiligheidsvoorschriften en is voorzien van een CE-markering in een EU-land, kan deze worden geëxporteerd en verkocht in de gehele EU-zone. Om te voldoen aan de eisen moet de fabrikant zich houden aan een aantal EN-normen. Een EN-norm bevat eisen, testmethoden en vereisten ten aanzien van de etikettering van het product naast de CE-markering. Tevens geeft de norm aan welke gebruiksaanwijzingen van de fabrikant het product moet bevatten.

UITLEG VAN DE RISICOCATEGORIEËN
EU-Richtlijn 89/686/EEG verdeelt persoonlijke beschermingsmiddelen in drie categorieën, afhankelijk van de hoogte van het risico. Hoe groter het risico waaraan de gebruiker wordt blootgesteld, hoe zwaarder de testeisen zijn met betrekking tot het beschermende vermogen en de certificering van de handschoenen. Omdat de EU-richtlijnen in algemene termen wijn vervat, zijn er Europese normen ontwikkeld die eisen, testmethoden en markeringsinstructies specificeren. Een dergelijke norm is EN 420, die algemene eisen voor beschermende handschoenen vermeldt.

CATEGORIE I / EENVOUDIG ONTWERP
Deze categorie heeft betrekking op handschoenen die worden gebruikt voor werk met een minimum aan risico's die snel kunnen worden geïdentificeerd. Dit omvat bijvoorbeeld handschoenen met minder strenge eisen voor mechanische duurzaamheid en handschoenen die moeten beschermen tegen hete voorwerpen. Handschoenen van een basistype, zoals tuinhandschoenen en montagehandschoenen behoren tot deze categorie. De fabrikant moet kunnen aantonen dat het product voldoet aan de fundamentele eisen voor beschermende handschoenen (volgens EN 420), en is verantwoordelijk voor het waarborgen van de CE-markering. Dit geldt voor alle beschermende handschoenen.

CATEGORIE II / MIDDEN-ONTWERP
Veel beschermende handschoenen behoren tot deze categorie, zoals handschoenen met eisen omtrent mechanische duurzaamheid ter bescherming tegen bijvoorbeeld snijden. Als handschoenen een CE-markering willen krijgen, moet de fabrikant kunnen aantonen dat het product voldoet aan zowel de fundamentele eisen als aan andere normen die van toepassing zijn op specifieke gebieden van het gebruik, zoals lashandschoenen. De handschoenen moeten worden getest door een erkend laboratorium en goedgekeurd door een officiële instantie die certificaten uitgeeft. Handschoenen in categorie II dienen te worden gemarkeerd met een pictogram, dat wil zeggen een symbool dat aangeeft waarop de handschoen is getest en op welk prestatieniveau. Als de handschoen dient ter bescherming tegen mechanische risico's (volgens EN 388), wordt een viercijferige code weergegeven naast of onder het pictogram. Deze cijfers duiden de prestatieniveaus aan van tests in verband met schuren, snijden, scheuren en doorboren.

CATEGORIE III / COMPLEX ONTWERP
Deze handschoenen kunnen bescherming bieden tegen zaken als zeer gevaarlijke stoffen. Ze moeten beschermen tegen blijvende schade in situaties waarin het lastig voor de gebruiker is om tijdig de risico's in te kunnen schatten. Dit omvat bijvoorbeeld handschoenen die beschermen tegen hitte (boven 100° C) en extreem lage temperaturen (onder -50° C) en handschoenen die worden gebruikt voor de behandeling van de meeste chemicaliën. De handschoenen moeten worden getest door een erkend laboratorium en goedgekeurd door een officiële instantie. Een verdere eis is een jaarlijkse controle van het productieproces en de handschoenen moeten grondig worden geïnspecteerd om de juiste kwaliteit te waarborgen. Pas nadat is gebeurd, kunnen de handschoenen worden voorzien van een CE-markering. De identiteitscode van de officiële instantie (vier cijfers) moet direct na de CE-markering worden geplaatst, bijvoorbeeld CE 0123.

Meer informatie.